Posts tonen met het label Amnesty. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Amnesty. Alle posts tonen

dinsdag, maart 10, 2009

Nieuw Amnesty rapport bewijst Israëlische oorlogsmisdaden in Gaza

Israël schendt herhaaldelijk het oorlogsrecht en lapt de mensenrechten aan haar laars. Dat is nu onomstotelijk aangetoond in een nagelnieuw Amnesty-rapport: Fuelling Conflict. We wisten al langer dan vandaag dat Israël massaal veel militaire steun krijgt en dat er veel wapens naar Israël worden geëxporteerd, vooral van de VS, maar vanuit ook Europese landen. We wisten ook al langer dat Israël herhaaldelijk de mensenrechten en het oorlogsrecht schendt. Het Amnesty-rapport legt nu, op basis van een degelijk onderzoek en bewijzen die hun fact finding missie op het terrein verzamelde, bloot welke wapens werden gebruikt om welke schendingen van de mensenrechten en het internationaal humanitair recht te plegen en waar die wapens precies vandaan kwamen.

Amnesty lanceert een online petitie om onze minister te vragen druk uit te oefenen op de VN. Die moet een volledig wapenembargo afkondigen.

Met dit rapport in de hand kan, in de nasleep van de vreselijke gebeurtenissen in Gaza, de druk worden opgevoerd voor:
* een grondig, onafhankelijk en onpartijdig onderzoek naar schendingen van de mensenrechten en van het internationaal humanitair recht,
* een VN Veiligheidsraad wapenembargo tegen Israël, Hamas en andere Palestijnse gewapende groepen, tot er effectieve mechanismen opgestart zijn om te verzekeren dat wapens of munitie en ander militair materiaal niet gebruikt zullen worden om zware schendingen van de mensenrechten en van het internationaal humanitair recht te plegen én totdat er rekenschap werd afgelegd voor oorlogsmidsaden,
* een unilaterale stopzetting van wapentransfers aan Israël, Hamas en andere gewapende groepen, tot er geen substantieel risico meer is dat deze wapens gebruikt gaan worden voor ernstige schendingen van het humanitair recht en zware mensenrechtenschendingen,
* een effectief globaal wapenhandelverdrag, dat inhoudt dat alle staten wapentransfers zullen voorkomen, waar er een substantieel risico is dat die wapens gebruikt zouden worden voor zware schendingen van het humanitair recht en de mensenrechten

zondag, december 09, 2007

Mensenrechten zijn geen strategie

Philip Alston, de speciale rapporteur voor willekeurige executies bij de Verenigde Naties, heeft een probleem. Alston maakt deel uit van het legertje rapporteurs dat voor de VN verslag uitbrengt over mensenrechtenthema's. Alleen krijgen ze zelden of nooit toegang tot de landen die ze willen onderzoeken. Niet dat ze botweg de toegang geweigerd worden, zo ver gaat alleen de despotische stadstaat Singapore. De meeste landen blijven geplande bezoeken gewoon oneindig uitstellen. Of ze doen of hun neus bloedt en antwoorden eenvoudig niet op de vraag uit New York… En de heel geslepen leiders geven eerst met veel misbaar hun akkoord om dat daarna in alle stilte terug in te trekken.

Bovendien: de bevoegde 'Raad voor de Mensenrechten' laat betijen. Hun oprichtingsresolutie suggereert nochtans dat dit soort problemen door hen moeten opgelost worden. Blijkbaar leidt de Raad aan hetzelfde gebrek aan daadkracht als haar weinig illustere voorganger, de VN-mensenrechtencommissie. Als het erop aan komt landen op de vingers te tikken heeft de Raad voor de Mensenrechten geen enkel mechanisme om de verzoeken van de rapporteurs op te volgen. De raad wordt bevolkt door 47 mensen van evenzoveel landen die zich kandidaat gesteld hebben en verkozen zijn in de Algemene Vergadering. Daar zijn zes landen bij die zelf niet reageerden op een uitnodiging om een rapporteur te ontvangen… Overigens zijn er weinig landen voor wie het bezoek van een rapporteur géén genante statistieken zou opleveren.

Wat willen we dan eigenlijk: een Raad met een mooie naam maar die verder machteloos moet toekijken wegens totaal gepolitiseerd en het voorwerp van strategische spelletjes onder landen? Of een Raad die bestaat uit ongebonden mensen met een engagement en mandaat om te doen wat moet gebeuren? Goed, een voorstel: kandidaat-landen moeten hun vertegenwoordiger kiezen uit hun nationale parlement. Kwestie van de Raad een legitiem karakter te geven. Verder hebben de grote mensenrechtenngo’s met raadgevende bevoegdheid een vertegenwoordiger in de raad. Beslissingen worden genomen met gewone meerderheid van stemmen. Het hoeft niet zo moeilijk te zijn.

donderdag, juli 12, 2007

Amnesty Marokko werkt aan attitude - Portret van een kleine maar nijvere sectie


De Marokkaanse sectie van Amnesty in Rabat is klein. Met vier mensen doen ze al het werk dat het secretariaat nodig heeft. Van lobby- en campagnewerk over secretariaatswerk tot het werven en motiveren van vrijwilligers. Salah Abdellaoui is tegelijk verantwoordelijk voor de beweging en het uitwerken van de nieuwe campagnes maar hij staat ook de directeur bij in zijn representatiefunctie. Abdellaoui: "in Marokko ligt onze grootste uitdaging in de mensenrechteneducatie."

Amnesty Maroc heeft zo'n 1200 leden, verspreid over het hele land. Maar gezien het thema waarmee Amnesty zich bezighoudt vindt je die leden vooral onder de gestudeerde middenklasse. Er zijn groepen van advocaten, van dokters enz. "Helaas maken mensenrechten nog steeds geen deel uit van de bekommernissen van de mensen die aan de macht zijn in Marokko. Er is een verandering van attitude nodig," zegt Abdellaoui.

De 'niet werken in eigen land'-regel is voor Marokko geen louter principiële kwestie. De overheid wordt nog steeds sterk geassocieerd met de figuur van de koning. En men is overgevoelig voor alles wat zweemt naar kritiek op de monarch. Met de zg. 'wet op het antiterrorisme' die in mei 2003 werd aangenomen kreeg de overheid nog meer armslag om de repressie tegen ongewenste politieke dissidenten op te voeren. In de beste post-11 september traditie geeft de wet een zeer brede en onduidelijke definitie van "terrorisme." De wet verlengt de wettelijke aanhoudingstermijn (de periode dat de gevangene is aangehouden door de veiligheidsdiensten zonder aanklacht of juridische controle) tot 12 dagen in het geval van "terrorisme." Ook is het recht van de gevangene op juridische bijstand ingeperkt, terwijl tijdens deze periode de kans op marteling of slechte behandeling het grootst is. De antiterrorisme wet breidde tenslotte ook het toepassingsgebied uit van de doodstraf.

Voornaamste doelwitten van de nieuwe wet: islamitische integristen of wie daarvan wordt verdacht en natuurlijk de militanten van het zieltogende Polisario-front, Marokko's eigen regionale verzetsbeweging.

Verschillende lokale ngo's volgen de situatie op de voet: AMDH (Association Marocaine des Droits Humains), OMDH (Organisation Marocaine des droits humains) enzovoort. Dat dit niet zonder gevolg blijft bewijst het gebeurde van 1 mei 2007: 7 leden van AMDH werden opgepakt tijdens een manifestatie toen ze slogans scandeerden die kritisch waren voor het koningshuis. Op 5 en 6 juni werden nog eens 10 leden van dezelfde organisatie opgepakt tijdens een sit-in uit solidariteit met de 7 reeds opgepakte mensen. Allemaal riskeren ze verschillende jaren in de gevangenis.

"Dit soort specifieke gevallen worden rechtstreeks door Londen gedaan," zegt Abdellaoui. Wanneer delegaties een onderzoek komen voeren, is dat ook volledig los van de sectie in Rabat. Vaak weten ze op het secretariaat zelfs niet dat ze er zijn. "Wij geven hoogstens de centrale persberichten door aan de nationale pers. En de Marokkaanse overheid weet dat zeer goed, want Amnesty is zeer bekend en gerespecteerd hier." Daarom dat de Marokkaanse sectie wel kan werken rond de grote thema's en internationale campagne's: doodstraf, geweld tegen vrouwen enz. Voor deze laatste campagne haalde de sectie vorig jaar niet minder dan 100.000 handtekeningen op die ze wist af te geven aan de Eerste Minister.

Eén van hun grote projecten in eigen land is de humanisering van het gevangenisregime. Ze hebben een overeenkomst gemaakt met de directeur van het gevangeniswezen. Bedoeling is het geven van vorming aan gevangenisbewakers rond mensenrechten en magistraten. "Een werk op lange termijn," geeft Abdellaoui toe.

Intussen heeft Amnesty International vorig jaar een belangrijke uitbreiding van zijn zelfverklaarde 'opdracht' goedgekeurd. In plaats van de traditionele focus op burgerlijke en politieke rechten is er een uitbreiding gekomen met economische, sociale en culturele rechten. (Lees ook interview met Eva Brems, februari nummer van dit jaar). Het is een niet te onderschatten koerswijziging. Ik vroeg me af hoe dat hier in Marokko werd opgepakt. En blijkbaar was de uitbreiding voor de Marokkaanse achterban makkelijker te verteren dan in Vlaanderen. Abdellaoui:"ook wij zijn begonnen met de nieuwe opdracht rond ESC-rechten. Economische, sociale en culturele rechten, dat raakt de alledaagse leefwereld van de mensen." En vermits vele van deze rechten allerminst verworven zijn in het Marokkaanse hinterland, zagen de leden makkelijk het belang in van deze uitbreiding.

Zo veel activiteiten, dat kost geld. Wat met fondsenwerving? En hoe maakt de Marokkaanse Amnesty sectie zich bekend binnen de grenzen?
"Het belangrijkste moment waarop we elk jaar naar buiten komen is het Internationaal boekensalon in Casablanca. Daar komen 400.000 bezoekers op af. Er is ook een sterke aanwezigheid van de Marokkaanse pers," zegt Abdellaoui. Wat zijn werkmiddelen aangaat, is de sectie zoals de meeste secties in het zuiden grotendeels afhankelijk van Londen. Vanzelfsprekend aanvaard Amnesty, net als bij ons, geen enkele vorm van subsidie. En met de lidgelden springen ze ook niet ver: 100 dirham (ongeveer 10 €) voor volwassenen per jaar en 50 dirham voor jongeren. Schenkingen, dat is héél beperkt. Het is immers makkelijker om mensen te overtuigen geld te geven voor een lokale moskee dan voor een abstract onderwerp zoals mensenrechtenschendingen in verre landen. Een mogelijkheid waar we al langer op hopen is het verkrijgen van het 'statut utilité public,' een statuut dat toelaat om grote fondsenwervende activiteiten te organiseren zoals galabals e.d. Je kan dan ook fiscale attesten afleveren aan donatoren," zegt Abdellaoui. “De vorige eerste minister had enkele jaren geleden nochtans het statuut toegezegd aan Amnesty. Zo'n statuut moet gebetonneerd worden in een decreet. Maar ondertussen blijft het dossier om een onduidelijke reden geblokkeerd op het niveau van het secretariaat van de regering. Iemand die de Amnesty-werking niet echt genegen is? Wie zal het zeggen?”

woensdag, maart 14, 2007

De UVRM zijn onnavolgbaar

[Reactie op commentaar op mijn Indymedia post over Amnesty's koerswijziging]

Beste Marc-Antoon,

Ten eerste: de UVRM zijn van een onnavolgbare schoonheid. En ik schrijf dat zonder een zweem van cynisme of twijfel. Ze zijn de geschreven hoop van de mensheid en wat mij betreft zonder enige twijfel de belangrijkste tekst ooit geschreven in de geschiedenis van onze soort. Klinkt dat overdreven? Lees ze er zelf even op na op de site van Vormen: http://www.vormen.org/informatie/documenten.htm

Het feit dat Amnesty zich tot voor kort enkel met politieke en burgerlijke rechten bezig hield was een pragmatische keuze. Je moet als actiegroep nu eenmaal keuzes maken. Bovendien was de wereld niet klaar voor de ESC-rechten, bij het ontstaan van de mensenrechtenbeweging. De tekst bestond dan wel, ik vermoed dat weinigen echt de draagwijdte ervan beseften. Dat maakt het des te merkwaardiger dat de UVRM toen door haast de voltallige algemene vergadering van de Verenigde Naties werden ondertekend. Veel had wellicht te maken met het moment, kort na de oorlog.

Ik voeg hieronder nog eens Artikel 25 toe, ter illustratie:
1. Een ieder heeft recht op een levensstandaard, die hoog genoeg is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin, waaronder begrepen voeding, kleding, huisvesting en geneeskundige verzorging en de noodzakelijke sociale diensten, alsmede het recht op voorziening in geval van werkloosheid, ziekte,invaliditeit, overlijden van de echtgenoot, ouderdom of een ander gemis aan bestaansmiddelen, ontstaan ten gevolge van omstandigheden onafhankelijk van zijn wil.
2. Moeder en kind hebben recht op bijzondere zorg en bijstand. Alle kinderen, al dan niet wettig, zullen dezelfde sociale bescherming genieten.

donderdag, maart 08, 2007

De beweging voor een andere globalisering krijgt er een belangrijke steunpilaar bij

Amnesty International staat voor een grote uitdaging. De grootste mensenrechtenbeweging ter wereld heeft recent beslist haar oude 'mandaat' uit te breiden. De traditionele focus op burgerlijke en politieke rechten blijft, maar nu komen daar de 'Economische, Sociale en Culturele rechten' bij. Tijdens een interview met voorzitster Eva Brems van Amnesty Vlaanderen bleek dat de gevolgen van deze - in mensenrechtenkringen lang aangekondigde - beleidswijziging niet min zijn. Ten eerste voor de supertanker Amnesty zelf, ze zullen immers verplicht zijn hun tien miljoen vrijwilligers wereldwijd klaar te stomen en te vormen voor de nieuwe opdracht. Maar vooral zal dit op termijn een belangrijke versterking betekenen voor de hele andersglobaliseringsbeweging.

Wanneer een organisatie zoals Amnesty zich gaat bezig houden met het armoedeprobleem - het campagnethema van 2008 luidt: "armoede als schending van mensenrechten" - dan heeft dat belangrijke implicaties voor het dominante economische discours. Tot nu toe waren zg. ESC-rechten het domein van een aantal ontwikkelingsorganisaties die het armoedeprobleem definieerden als een schending van mensenrechten. Een arme Afrikaan die verstoken blijft van een degelijke gezondheidszorg, die nergens een deftig onderwijs kan genieten en die bovendien belet wordt in zijn economische ontwikkeling, deze Afrikaan wordt geschonden in zijn basisrechten. Amnesty onderschrijft die stelling nu.

Nog belangrijker echter is het onontkoombare feit dat Amnesty zich zelf nu ook verplicht om standpunt in te nemen over de oorzaken van deze massale schending van mensenrechten. En dan kan je niet anders als het in vraag stellen van de neoliberale hervormingen die in de jaren '90 werden opgedrongen door Wereldbank, IMF en de Westerse donoren. Privatisering en deregulering, het vleugellam maken van de reeds armlastige staat enz. Dergelijke recepten hebben hun failliet bewezen. Een economisch paradijs bouw je nu eenmaal niet op een sociaal kerkhof. (Cynici en mensen die dat beleid van dichtbij hebben gevolgd zeggen overigens niet zonder reden dat het belang van de arme landen nooit een bezorgdheid was. In werkelijkheid ging het om het openbreken van de markten in het zuiden voor Westerse multinationals...)

Ondanks die analyse blijft het 'marktdenken' als paradigma het economisch beleid op internationaal vlak domineren - de Europese en Noord-Amerikaanse delegaties op de besprekingen binnen de wereldhandelsorganisatie blijven koppig hun belangen voorop stellen. Maar stilaan komen ze alleen te staan met hun bekrompen voorstellen. Op termijn zal de koerswijziging van Amnesty, een organisatie met raadgevende bevoegdheid bij de VN, helpen om het armoedeprobleem uit de ideologische sfeer te halen en de analyse van veel groepen uit de andersglobaliseringsbeweging a.h.w. legitimeren.

Armoede kán pragmatisch aangepakt worden met een beleid dat uitgaat van basisrechten van mensen. Landen moeten kunnen gestraft worden als ze de basisrechten van hun bevolking schenden. Maar diezelfde landen moeten ook de middelen krijgen om hun bevolking te voeden, te huisvesten, te laten ontwikkelen enzovoort. Al die zaken volgen uit elkaar. Het erkennen van economisch, sociaal en culturele rechten voor alle mensen op deze wereld is een definitieve stap om onze mondiale beschavingsgraad op te krikken.


Het interview waarvan sprake verscheen in het maart nummer van Amnesty Nieuws, het ledenblad van Amnesty Vlaanderen. De uitgebreide versie daarvan is ook terug te vinden onder http://www.amnesty.be/amnestynieuws

dinsdag, oktober 17, 2006

Auschwitz

“We'd like to go to Auschwitz.” Terwijl ik de woorden uitspreek, besef ik het surrealisme ervan. Maar de dame achter het loket knikt begrijpend. 15 zloti voor een ticketje naar de hel. Oswiecim is een stadje zoals er veel zijn op het snel veranderende Poolse platteland. Er zijn gewone huizen en gewone mensen, er zijn bushokjes en supermarkten. En er is het monsterlijke Auschwitz. Geen desolaat, getormenteerd landschap gaat het kamp vooraf, maar een drukke weg met een garage van tweedehands auto’s en een grote parking met een hotdog kraam. Op de parking veel bussen en groepen joelende scholieren.

Met een akelig gevoel in de buik lopen we het kamp binnen. Toeristen poseren voor een foto onder de 'arbeit macht frei' poort. Er wordt gepicknickt op de trappen van Mengele zijn experimenteerbarak. Beseffen deze mensen überhaupt waar ze zich bevinden? Onwillekeurig herinner ik me de Cuchi-tunnels in Zuid Vietnam waar toeristen met originele oorlogswapens kunnen schieten in een schietstand. Wapens waarmee duizenden mensen werden weggemaaid.

Van alle verbrande plekken in ons collectief geheugen is Auschwitz het ergste. En het onontkoombare feit is dat het niets bij brengt om de originele gaskamers binnen te gaan, te wandelen waar ooit werd gestrompeld, gesprekken te voeren waar ooit bevelen werden gesnauwd. Door het zo concreet te maken en mensen de kans te geven onbegeleid over het kampterrein te flaneren banaliseer je het monster. Op een plek waar mensenrechten op zo'n desastreuze manier vermorzeld zijn en de mens zijn eigen hel op aarde heeft gecreëerd mag je niets aan het toeval overlaten. Moreel is er eigenlijk geen verschil met een opslagplaats voor gevaarlijk nucleair afval. Waarom dus niet die hele plek afsluiten? Maak een schutkring van minstens 10 km en laat enkel nog dichters, politici en wetenschappers toe. Creëer vervolgens op neutrale plaatsen monumenten die de vreselijke waarheid in alle gruwel brengen, zonder iets te verbergen. Monumenten die ontzag inboezemen voor het ondenkbare lijden van zijn slachtoffers en tegelijk het besef verankeren tot wat de mens in staat is… als we niet oppassen.

(Column verschijnt in december nummer van Amnesty Vlaanderen - zie voor meer artikels en columns over mensenrechten: http://amnestynieuws.blogspot.com)

maandag, januari 02, 2006

Raak me aan als ik dood ben: Interview Barbara Acuna

Laatst veroordeelde minderjarige in de VS ontsnapt nipt aan terechtstelling

Barbara Acuna is een gewone Amerikaanse vrouw met een gewoon gezin. Ze woont in een gewone buitenwijk in een Texaanse stad. Ze staat erop dat we haar leven niet als iets buitengewoon omschrijven. Alleen overkwam haar wel iets heel dramatisch. Haar zoon werd ter dood veroordeeld. Hij was 17. Robert Acuna was de laatste minderjarige in de VS op ‘death row.’

Toen Robert Acuna werd beschuldigd van een dubbele moord, maakte de openbare aanklager in een tv-interview meteen duidelijk dat ze voor de doodstraf zouden pleiten, hoewel de officiële papieren daartoe pas vier maanden later werden ondertekend. Dit is courant in Texas en vóór het Amerikaanse Hooggerechtshof de doodstraf voor minderjarigen ongrondwettelijk verklaarde, overkwam het ook 17-jarigen. Het zien van dat interview maakte bij Barbara Acuna het besef wakker dat iets niet klopte in deze rechtszaak.

Vond je dat het proces eerlijk verliep?
“Ik was naar twee advocaten gestapt (de procedure voor de doodstraf is veel zwaarder en vereist twee advocaten voor de verdediging, nvdr), maar ze vertelden me koudweg dat ik hun niet kon betalen. Alleen al voor de advocaten moest ik 35.000 $ neertellen en dan moet je nog een team huren dat bestaat uit een detective, een psychiater en een ‘specialist in verzachtende omstandigheden’. De kost is astronomisch voor mensen met een gemiddeld loon. Maar dat was slechts het begin. Zodra de procureur beslist voor de doodstraf te pleiten, begint de ‘machine van de dood’ te draaien. Bij Robert werd de hele procedure op een drafje afgehandeld: men wist dat er een uitspraak van het Hooggerechtshof in de lucht hing die de doodstraf voor minderjarige daders zou afschaffen. Gemiddeld duurt een zaak twee jaar; Robert was echter acht maanden later al veroordeeld. Indien het proces pas begonnen was ná de uitspraak van het Hooggerechtshof over de doodstraf voor minderjarigen, dan was alles heel anders verlopen. De jury zou uit andere mensen bestaan hebben en één advocaat was voldoende geweest.”

De rol van de jury

Wat was de rol van de jury in het proces?
“Die was zeer belangrijk. Bij de keuze van de juryleden wordt gekeken naar een aantal criteria. Zo worden enkel mensen geselecteerd die vóór de doodstraf zijn. Universitaire studies hebben uitgewezen dat dergelijke jury’s de neiging hebben strenge straffen uit te spreken. In het geval van Robert wisten ze ook dat het om een minderjarige verdachte ging.”

Wanneer kreeg je hulp van buitenaf?
“Toen bleek dat de officier van justitie voor de doodstraf ging en er haast mee wou maken, ben ik als een gek beginnen bellen naar alle tegenstanders van de doodstraf. Amnesty zag onmiddellijk de ernst van de situatie in en zette een ‘urgent action’ op. Ze schreven brieven naar de procureur om hem aan te zetten te wachten met de procesgang tot na de uitspraak van het Hooggerechtshof. Een collectief van advocaten die tegen de doodstraf zijn nam de zaak ter harte. Ze stelden vragen aan de twee advocaten die ons waren toegewezen door de rechtbank. Maar deze laatsten deden niets met de aanbevelingen. De aangestelde specialisten deden evenmin veel. Ze lieten de zaak op hun beloop, waardoor de procureur zowat vrij spel had. De eerste keer dat iemand van ons gezin werd ondervraagd over Robert, was de rechtszaak al bezig. Niet veel later maakte Robert kennis met ‘death row.’

‘Total senses deprivation’

Hoe is het leven in de dodencel?
“Zes maanden zat Robert op death row, tot zijn straf werd omgezet in levenslang na de uitspraak van het Hooggerechtshof. Er is geen ‘vervroegde vrijlating’ zoals die in België bestaat. Gelukkig zijn z’n omstandigheden nu beter. Death row betekent 23 uur per dag opgesloten zitten in een kleine cel, met niets meer dan een klein radiootje als afleiding. Geen telefoongesprekken, je bent van iedereen gescheiden. Het uurtje per dag dat je buiten mag, krijg je handboeien aan en word je vergezeld door twee bewakers die je behandelen als hun eigendom. ‘Total senses deprivation’, dat is de enigszins klinische term voor dit onmenselijke régime. De gevangene mag aan geen enkele zintuiglijke prikkeling worden blootgesteld. Eenmaal per week mag je bezoek ontvangen. Je wordt dan naar een klein kamertje geleid dat door kogelvrij glas gescheiden wordt van de bezoekersruimte. Praten met je bezoek - maximum 2 mensen - doe je via een telefoontoestel. Voor je iets kan zeggen, moet je je op de rug geboeide handen door een kleine opening in de stalen deur steken, zodat de bewaker je handen kan losmaken. Er is geen enkele vorm van fysiek contact mogelijk. Dat gaat zo door, tot aan je geprogrammeerde dood.”

Wat zijn jouw argumenten tegen de doodstraf?“
Ten eerste is de doodstraf gewoon niet noodzakelijk. Mensen kunnen opgesloten worden of opgenomen in een instelling voor geestesgestoorden. We hoeven ze niet om te brengen. Rechtvaardigheid is geen wraak, doodstraf wel. De doodstraf is een onvoorstelbare geestelijke marteling, zowel voor de betrokkene en als voor zijn familie. Mensen zijn mensen, het zijn geen wegwerpvoorwerpen.”

Wat zeg je tegen voorstanders van de doodstraf?
“Ik probeer ze niet te overtuigen. Ik wil ieders mening respecteren. Ik probeer hen te wijzen op enkele feiten die ze misschien niet kennen, vertel hen wat ik weet. Argumenten als "Het is veel duurder om ze te laten leven" ontkracht ik: de hele procedure die leidt naar de doodstraf is vele malen duurder dan een levenslange gevangenisstraf. Ook andere argumenten haal ik aan: gekleurde mensen hebben statistisch gezien veel meer kans op de doodstraf.”

Iedereen verdient een tweede kans

In maart 2005 kwam dan de langverwachte uitspraak van het hooggerechtshof. Wat voelden jullie toen?

"We wisten dat het zou komen, maar niet op welke dag. Natuurlijk waren we zeer gelukkig. Robert was opgelucht maar tegelijk verdrietig dat de uitspraak niet vroeger was gekomen. Voor velen vóór hem was het te laat, mensen bij wie een redelijke twijfel bestond over hun schuld. Tijdens die zes maanden had hij verschillende mensen zien vertrekken. Ze schuifelden langs de gang voorbij, met hun boeien aan, het hoofd gebogen.”

Denk je dat organisaties zoals Amnesty een verschil kunnen maken?

"Robert zou nog steeds op zijn dood wachten als Amnesty er niet was geweest. Ze hebben jaren gelobbyt bij het verbond van Amerikaanse Advocaten om de stemming in het voordeel van de afschaffing van de doodstraf te keren. De internationale druk heeft ongetwijfeld geholpen om tenminste de doodstraf voor minderjarigen af te schaffen. Als iedereen echt samen aan hetzelfde zeil trekt en eist dat de overheid stopt met het doden van haar eigen burgers, dan kunnen we de doodstraf echt naar de geschiedenis verwijzen.”

Voor Amnesty verdient iedereen een tweede kans, maar zeker kinderen. Minderjarigen onderkennen nog niet altijd de gevolgen van hun daden. De kans dat ze hun leven verbeteren is veel groter dan bij een volwassene. Ze mogen dan ook niet op dezelfde manier bestraft worden. Het Kinderrechtenverdrag verbiedt overigens elke wrede en onmenselijke straf voor minderjarigen. De doodstraf tegen minderjarige daders was dit jaar het centrale thema van de Schrijf-ze-VRIJdag van Amnesty Vlaanderen.

donderdag, januari 13, 2005

Wat Amnesty wil

[reactie op een lezersbrief in Amnesty NIeuws,het ledenblad van Amnesty Vlaanderen]

Geachte Pia,

Bedankt voor je reactie op het laatste nummer van Amnesty Nieuws. Het is fijn te merken dat ons ledenblad grondig gelezen wordt. Graag wil ik dan ook even doorgaan op je opmerkingen.Eerst en vooral kan ik (en waarschijnlijk kunnen al onze redacteurs dat) me volledig vinden in je laatste paragraaf: ze verdienen onze hoop, al die slachtoffers van mensenrechtenschendingen overal ter wereld. En het klopt ook dat positiviteit en daadkracht krachtige middelen zijn. Maar het ene gevoel dat mensen in beweging brengt is verontwaardiging. Dat is het wat Peter Benenson en de zijnen beroerde bij de eerste Amnesty actie. Ze konden eenvoudig niet lijdzaam toezien hoe twee Portugese studenten werden opgepakt enkel en alleen omdat ze een dronk op de vrijheid uitbrachten. Het is diezelfde gemeende en eerlijke verontwaardiging die Amnesty leden overal ter wereld in beweging brengt en naar hun pen doet grijpen.

Dat neemt niet weg dat het niet allemaal kommer en kwel is. De wereld evolueert en we behalen ook resultaten. We proberen met het ledenblad dan ook een balans te houden: in een aantal artikels brengen we positieve evoluties en menselijke verhalen. In het december nummer lezen we dat zelfs bejaarde dictators stilaan hun onschendbaarheid verliezen, of dat er stappen gezet worden in de richting van een mijnenvrije wereld. Of we lezen over het engagement van een beiaardier voor Amnesty. In andere artikels kaarten we problemen aan die onze aandacht vragen, zoals de mensenrechtensituatie in de Europese Unie. Een oplossing geven voor het geformuleerde probleem, dat is vaak niet zo eenvoudig gezien de complexiteit van het gegeven. Uit het artikel blijkt wel dat Amnesty de situatie op de voet volgt en haar aanbevelingen op papier zet.

Met andere woorden, jullie en wij allemaal (Amnesty leden) zijn een deel van de oplossing, want met hoe meer we zijn, hoe groter de druk op regeringen om de eigen grondrechten effectief in de praktijk te brengen.De rubrieken Column en In de Marge tenslotte zijn commentaarstukjes en dus altijd wat scherper geformuleerd. Deze rubrieken zijn a.h.w. uitgevonden om de verontwaardiging in al zijn geweld van het blad te doen spatten. Voor nuance en antwoorden moet je hier meestal niet zijn. De geboden ruimte laat overigens ook niet toe om de aangeklaagde feiten uit te werken en oplossingen voor te stellen.Dat het soms allemaal wat te veel wordt voor een goed menend mens, dat gebeurt iedereen van ons regelmatig. En neen, we hoeven onszelf niet met een reusachtig schuldcomplex op te zadelen. Anderzijds moeten we onze kop ook niet in het zand steken voor de realiteit: de belangrijkste beslissingscentra op deze planeet liggen nog steeds in wat we gemeenzaam 'het westen' noemen: Europa en Noord-Amerika. De beslissingen die hier genomen worden zijn lang niet altijd positief voor de menselijke vooruitgang al wordt er veel lippendienst bewezen aan zaken zoals mensenrechten. Als we het dus hebben over de Westerse mogendheden, dan gaat het over een ideologisch en economisch systeem dat luistert naar de belangen van eender wie geld en macht bezit, een systeem dat diep geworteld is in onze contreien. Om nu al de concrete mensen die daarin een rol spelen kwaadaardig te noemen, daar gaat het niet om. Buiten die politieke leiders die echt bloed aan de handen hebben kan je mensen in beslissingscentra hoogstens een gebrek aan verantwoordelijkheid aanwrijven. Wat Amnesty wil, is het systeem veranderen: democratische controle inbouwen, respect voor mensenrechten op alle niveaus doen ingang vinden, daders verantwoording laten afleggen, eender waar ter wereld... het zou al lang een evidentie moeten zijn.

Nog eens dank voor de reactie. Ik blijf zitten met het verontrustende gevoel dat dit bericht geen volledig antwoord biedt. Maar dat is het lot van iedere hoofdredacteur tegenover terechte bekommernissen van betrokken lezers. We zullen toch trachten ze in rekening te brengen.