Posts tonen met het label Recensie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Recensie. Alle posts tonen

dinsdag, januari 20, 2009

17 eeuwen Christelijk antisemitisme tegen Joden en nu via Joden tegen Palestijnen

Terwijl Israël in Gaza de geschiedenis aan het herhalen is las ik het boek van Dirk Verhofstadt: "PIUS XII en de vernietiging van de Joden." In dat boek kan Verhofstadt het niet laten om te beweren dat de orthodoxe Islam de plaats van het Christendom als bron van antisemitisch geweld zou hebben overgenomen. Alsof dat zou kunnen: de plaats innemen van 17 eeuwen Christelijk antisemitisme.
In het licht van de verschikkelijke gebeurtenissen in Gaza kan je overigens nog moeilijk ontkennen dat het Israëlische militarisme alle grenzen van menselijkheid ver voorbij is geschoten. In zekere zin is het Palestijnse volk nu al 60 jaar het slachtoffer van een virulente en uit de hand gelopen joodse reactie op het Christelijke antisemitisme. En behoren Palestijnen ook niet tot de semitische volkeren? Zijn we dan van plan om er nog een eeuw van genocide aan toe te voegen?Waar is dan de Europese verantwoordelijkheidszin? Want onze verantwoordelijkheid voor dit drama dat blijft duren is VERPLETTEREND. En toch gebeurt er niets. Integendeel, economische en militair-industriële banden met Israël worden alleen maar versterkt. De Europese leiders zijn een bende kortzichtige lafaards.


PIUS XII en de vernietiging van de Joden

Met dit lijvige boek doet Verhofstadt nog meer dan alleen de positie van de 'oorlogspaus' Pius XII ten opzichte van het misdadige nazi-régime en zijn wandaden duiden en aanklagen. Hij maakt meteen het proces van de katholieke kerk die een eeuwenlange traditie heeft van virulent antisemitisme. Het is goed dat die allesbehalve fraaie, en bij uitstek Europese geschiedenis nog eens wordt aangehaald. En verder is dit een ijzingwekkend overzicht van waartoe de mens in de jaren '30 en '40 in staat is gebleken. Zowel volk als leiders hebben elke notie van rechtvaardigheid en humanitaire solidariteit massaal naast zich neergelegd, en niet alleen in nazi-Duitsland. De uitzonderlijke inspanningen van vele individuën die moedige verzetsdaden pleegden niet te na gesproken, zij bevestigden vooral de regel.

Lees de volledige recensie.
De bespreking verscheen ook op Uit-Pers.

donderdag, september 25, 2008

Sheherazades weblog van Fatima Mernissi

Hardcover | 255 Pagina's | Uitgeverij De Geus
ISBN10: 9044508857 | ISBN13: 9789044508857

In dit boek uit 2006 van Fatima Mernissi dat pas vertaald werd in het Nederlands geeft de Marokkaanse sociologe blijk van een aanstekelijk optimisme. Ze schreef dit boek enerzijds om Marokkaanse jongeren een hart onder de riem te steken en anderzijds om westerse toeristen te laten zien dat Marokko meer te bieden heeft dan oude Keizersteden en woestijnlandschappen. Spijtig genoeg is 'Sheherazades weblog' niet zo goed geschreven als haar andere boeken. De kans op ergernissen is ook niet gering gezien haar nogal stoeferig kokketeren met de prijzen die ze kreeg. Ook het hoge gehalte aan voluntarisme waarmee ze de mensen die ze aan het woord laat op een voetstuk plaatst heeft soms iets gênant. Uit de tekst blijkt gelukkig dat al deze mensen die iets bijzonders hebben gerealiseerd meestal beter weten dan zij hoe de wereld in elkaar zit en met meer realiteitszin hun ding doen. Daarom heeft haar bij wijle essayistisch betoog over de veronderstelde link tussen satellietschotels, traditionele tapijtweverij, internet en civiele maatschappij vooral een documentaire waarde. Een boek om wel degelijk in je reistas te steken als je Marokko bezoekt. En oh ja, neem dan vooral ook "het verboden dakterras" of één van Mernissi's andere boeken mee.

Fatima Mernissi gelooft dat satellietschotels de traditie van het verhaal terug hebben gegeven aan het volk. Ze verwijst daarmee naar nieuwe Arabische soaps die regelmatig heikele onderwerpen aansnijden en grenzen verleggen in de conservatieve samenlevingen van de Maghreb. Een stelling waarmee nogal gemakkelijk wordt geschermd, maar het is natuurlijk niet het volk dat de scenario's van dergelijke verhalen schrijft. Het valt echter niet te ontkennen dat soapseries zaken kunnen losmaken. De auteur heeft het ook over de fameuze Moudawana, de vooruitstrevende Marokkaanse familiewet die in 2004 gestemd werd. Ze vermeldt er echter niet bij dat de wet nauwelijks wordt toegepast, enerzijds omdat rechters onwillig zijn en anderzijds omdat arme plattelandsvrouwen, die er het meest baat bij hebben, de wet niet kennen. Het is een lang proces omdat de weerstanden groot zijn. Volgens de coördinator van Badès, een marokkaanse ngo uit Al-Hoceima, kan het nog 15 jaar duren voor de wet echt ingeburgerd is.


Burgerinitiatieven en democratie

Toch beweegt er heel wat in de Marokkaanse maatschappij. En dat heeft niet weinig te maken met het volkse verlangen naar meer inspraak. Net zoals Amartya Sen verwijst Mernissi naar voorbeelden uit de Afrikaanse geschiedenis om aan te tonen dat de democratie geen "bijna unieke genetische eigenschap is van de Europeanen en hun Griekse voorouders," dat m.a.w. de bewering dat democratie alleen in Europa kon ontstaan een volbloed mythe is. Eén van haar argumenten is het feit dat de Marokkaanse overheid jarenlang de oprichting van verenigingen tegenhield. "Samenwerkende burgers, daar houden despoten niet van die het monopolie van de macht aan de top van de hiërarchie willen behouden." De democratische verzuchting van het volk om een zeg te hebben in het beleid kan ook lang onderdrukt worden door onwillige heersers. Alexis de Tocqueville zei het al in de 19e eeuw: "Het despotisme, dat van nature al angstig is aangelegd, zal er om zich veilig te voelen alles aan doen om mensen te isoleren: een despoot vergeeft zijn burgers tamelijk eenvoudig dat ze hem niet zien zitten, als ze elkaar ook maar niet zien zitten."

Ter illustratie haalt Mernissi vele burgerinitiatieven aan. Die ontstaan overal in het land en maken met hun democratiserende en educatieve werking dat mannen en vrouwen nader tot elkaar groeien. "Solidariteit heeft een nieuw gevoel voor eigenwaarde, niet alleen aan wie geholpen wordt maar ook aan de mensen die zich inzetten." Om zeker te zijn dat we haar goed begrijpen voegt ze er aan toe: "Ga nu niet roepen dat de solidariteit voort komt uit de solidariteit van familieclans, want dan zou u de revolutionaire draagwijdte van deze explosieve groei aan burgerzin ontgaan!"


Tapijten en het internet

Nog een opmerkelijke vaststelling van de auteur: "de kolonisatie (hoe wreed die ook was) heeft ertoe bijgedragen dat we beter naar onszelf zijn gaan kijken, dankzij de blik van de buitenstaander." En nog: "In Marokko hebben we buitenlanders nodig gehad, zoals die van generaal Lyautey, die een decreet ondertekende dat onder meer een staatsstempel instelde om de kwaliteit en authenticiteit van het Marokkaanse tapijt moest waarborgen." Het tapijt speelde een belangrijke rol in de herontdekking van het verleden en terwijl in het traditionele Marokko werd neergekeken op alle volkskunsten was er dus een buitenlander nodig om de waarde van de tapijtkunst te erkennen en daarmee de strategische rol van de plattelandsvrouwen als hoeder van het erfgoed. Natuurlijk kwam het de Fransen heel goed uit dat de gekoloniseerde mannen hun vrouwen sluierden. Zich losmaken van de traditie werd door de kolonisator als een bedreiging gezien. Dus werkten ze ook de bestendiging van de traditionele man-vrouw verhoudingen in de hand.

Maar tapijten zijn meer dan enkel een stuk volkscultuur en een uitdrukkingsmiddel voor analfabete vrouwen. Mernissi grijpt terug naar de oude reiziger Odysseus en de legende van de draad van zijn vrouw Penelope. Als Penelope niet was blijven weven tijdens zijn eindeloze reis, dan was Odysseus bezweken voor de charmes van Calypso, de wispelturige godin die verliefd was op de beroemde reiziger. Terwijl vrijers haar belaagden, haar zoon Telemachus bedreigd werd en ze jaren geen nieuws hoorde over haar man, volhardde Penelope en redde daarmee haar man en haar huwelijk. De belangrijkste functie van een mythe: hoe ons leven op orde krijgen in de chaos om ons heen. En dat doen duizenden Marokkaanse vrouwen net zoals Penelope, weven om grip te krijgen op de wereld om hen heen. Zo weven vele van deze vrouwen ware kunstwerken en kunnen ze zich een behoorlijk en consistent inkomen verwerven. De cijfers bewijzen het: in de jaren '80 was Marokko wereldwijd de vijfde producent van handgeknoopte tapijten, net na veel grotere landen als Iran, India, pakistan en China. Daarmee is meteen de moderne mythe ontmaskerd van de zogenaamde improductiviteit van vrouwen.

Tijdens haar gesprekken met de weefsters contempleert Mernissi de kracht van gewone mensen (vrouwen) die nog niet gemoderniseerd zijn. Mernissi voert verschillende vrouwen op, zoals Chaïbia Talal, de Marokkaanse schilderes die met haar heel eigen 'naïeve' stijl furore maakte over de hele wereld en de weg vrij maakte voor vele andere vrouwelijke kunstenaars. Chaïba was een meisje uit de laagste en armste milieus in Casablanca. Ze werd op haar dertiende uitgehuwelijkt en moest op haar 15e, na de dood van haar man, zichzelf met een kind in de armen alleen zien te redden in Casablanca. Mernissi heeft naar eigen zeggen nooit begrepen waarom je moet kiezen tussen traditie en moderniteit. Een nogal vreemde opmerking voor iemand die zelf carrière heeft gemaakt in de academische wereld en als gelauwerde schrijfster Marokko een nieuw gezicht heeft gegeven in het buitenland. Volgens haar is dit één van de geheimen van de nieuwe Arabische generaties, zij voelen zich thuis in de schijnbare tweespalt tussen traditie en moderniteit. Het is een mooie voorstelling van zaken maar uiteindelijk niet uniek voor Arabische jongeren. Niet alleen zijn de mogelijkheden tot kennisverwerving en interactie van het internet revolutionair, ze waren ook nooit zo bereikbaar en goedkoop. Ten bewijze de enorme groei van de Blogosfeer op het Afrikaanse continent van de laatste jaren. Dat jongeren met weinig kansen uit arme landen zich hierop gooien is gewoon een bewijs van hun gezond verstand. De combinatie van satelliettv, internet en burgerinitiatieven hebben jongeren uit het dal gehaald. Dat zeggen jonge kunstenaars zelf in de woestijnstad Zagora, één van de plekken waar Mernissi op zoek gaat naar de nieuwe initiatieven. Ze richtten hun eigen atelier op en boorden via het web een wereldwijde clandisie van reizigers aan.

Traditionele tapijtmotieven bevatten vaak pictogrammen uit een verloren taal, tekens die deel uitmaken van het Tinifagh, dat werd gesproken door de berbers, de Toeareg van de Sahara. Socioloog Abdelkebir Khatibi onderzocht deze oude uitdrukkingsvorm en concludeert dat het gaat om "een beeldende talisman van de vrouw." Fatima Mernissi legt een haast spiritueel verband tussen de digitale communicatietechnologie en de traditionele tapijtweverijen. In beide gevallen wordt een web geweven, letterlijk en in overdrachtelijke zin. Ik zou daar aan toevoegen: cultuurproductie is een complex proces van abstrahering van persoonlijke en collectieve ervaringen waarbij het beste uit de menselijke natuur geactiveerd wordt: gevoeligheid, concentratie, liefde en spiritualiteit. De taalvormen en de vormentaal die daar uit komen is van oneindige variëteit, net als de natuur zelf. De mens creëert voortdurend nieuwe platformen voor culturele uitingen maar vernietigt er ook regelmatig. Als een taal verloren gaat (gemiddeld één keer per twee weken verdwijnt één van de 6000 bekende talen) betekent dat een haast onherstelbaar verloren gaan van unieke menselijke ervaringen. Elke kunst- of ambachtsvorm die dat proces tegengaat is waardevol.

Sheherazades weblog bulkt van de interessante contacten inclusief bijhorende telefoonnummers en e-mail adressen. Het boek wordt bovendien vergezeld van een dringende oproep om deze mensen te contacteren en hen te ontmoeten. Fatima Mernissi moedigt elk reiziger en toerist aan om zich te verdiepen in lokale cultuur en bvb een cursus Amazigh te volgen. Dat is de berbertaal die een ware Renaissance doormaakt en die je nu zelf kan leren in het centrum Tariq ibn Ziad in de hoofdstad Rabat. Uit zo'n ontmoetingen hoopt Mernissi dat mensen nader tot elkaar komen. Wellicht wil ze vooral meewerken aan de opstand van een nieuwe economische sector die haar land mee naar de voorhoede kan stuwen van de felgeplaagde Maghreb, maar dat is dan ook een zeer eerbaar doel.

woensdag, september 03, 2008

De ziel reist te voet

Enkele maanden geleden stelde Walter Lotens zijn nieuwe boek voor in het ViaVia reiscafé in Antwerpen. Ik kende Walter van zijn vorige boeken en van wat onderling mailverkeer i.v.m. duurzaam toerisme, een thema waar we beide mee begaan zijn. Ik las zijn nieuwe boek "de ziel reist te voet" en besprak het voor Uit-pers.

Walter Lotens is een eigenzinnig auteur. Hij reist de wereld rond of schrijft beschouwingen over het fenomeen reizen vanuit zijn geliefde Paramaribo. In zijn vorig boek, het essay over reizen "Ticket naar Shangri-La" doet hij dat op een abstract, spiritueel niveau. Zijn blik is weifelend en eerder pessimistisch over de in sommige kringen geroemde kansen op intercultureel contact die het internationale toerisme zou moeten bieden. Met "De ziel reist te voet" gooit Lotens het over een andere boeg. Hij wil weten welke positieve initiatieven er bestaan en inventariseert. Allerlei bevlogen gesprekpartners passeren de revue: coördinatoren van duurzaam-toerisme initiatieven, uitwisselingsstudenten, reizigers die zichzelf omscholen tot ontwikkelingshelpers, ambtenaren die te maken hebben met stedenbanden. Zijn conclusie na al die gesprekken zet hij meteen op de cover van zijn boek: De ziel reist te voet. Een op het eerste zicht nogal filosofische gedachtekronkel die wel goed uitdrukt waar het over gaat: de emotionele verwerking van een interculturele ervaring gebeurt met vertraging. Waarom dan nog dit boek lezen? Omdat in deze, net zoals in goede literatuur, het proces minstens even belangrijk is als de ontknoping. En al vertoont Lotens regelmatig de neiging om wat onnodig academisch jargon te gebruiken, hij weet bij zijn gesprekspartners toch intrigerende verhalen te ontlokken die maken dat dit al bij al een hoopvol boek is geworden.

Lees verder

woensdag, maart 19, 2008

Joe Sacco in Palestina

Vanochtend op de trein naar Brussel sloeg ik de laatste bladzijde om van Joe Sacco's beroemde 'literaire strip' (in het engels 'graphic novel') Palestine. Ik had de bundeling van zijn beroemde of beruchte werk uit 1993 al enkele jaren zien liggen in de boekwinkel maar ben er nu pas toe gekomen om het te lezen. Een Maltees uit de V.S. die palestina bezoekt en zijn ervaringen beschrijft? Tja, daar zou ik niets nieuws kunnen lezen zeker? Maar ik moet toegeven: de zin voor detail en de sfeerschepping van dit werk is onovertroffen. Sacco verbleef in 1991 en 1992 in de bezette gebieden en tekent omstandig de situatie uit waarin de Palestijnse bevolking dagdagelijks moet leven. De vluchtelingenkampen in Gaza en de mensonterende behandeling van Palestijnse burgers door Israëlische soldaten vormen de trieste hoogtepunten.

Volgende week vertrekt er een delegatie met o.m. Jos geysels en Rik Coolsaet naar Palestina op observatiemissie. Jos houdt tijdens de reis een blog bij - iets om te volgen dus. Zeker in het licht van 40 jaar Naqba - de Palestijnse catastrofe, op 14 en 15 mei. Een historische verjaardag die haast volledig dreigt ondergesneeuwd te worden door 60 jaar Israël, waarvoor de israëlische propagandamachine al haar groot geschut aan het klaar maken is.

vrijdag, maart 14, 2008

Amarty Sen en het gevaar van éénduidige identiteiten

De bekende Indiase econoom en Nobelprijswinnaar (1998) Amartya Sen wil wel eens buiten de lijntjes kleuren van zijn vakgebied. Sen is dan ook geen econoom van de traditionele school die het axioma (zeg maar dogma) van de rationele mens en zijn consumptiebehoeften nog steeds als meest definiërende menselijke drijfveren beschouwen. Met "Identiteit en geweld" schreef hij een grotendeels vanuit de buik geschreven, maar toch wel doorwrochte kritiek op de illusie van éénduidige identiteiten. Hij wijst op de nefaste gevolgen voor geweld en conflict in de wereld van vandaag waarin mensen meer en meer van elkaar gescheiden worden door godsdienst en cultuur. Een stimulerende denkoefening. Lezers met weinig geduld zouden zich kunnen storen aan de neiging van Sen om zijn basisthese talrijke malen te herhalen, via weliswaar telkens andere invalshoeken. Maar als je bereid bent hardop mee te denken dan neem je dat voor lief. Een rustige leesplek is warm aanbevolen.

Identiteit en geweld sluit aan op de analyse van KifKif in het recente boek "cultu(u)renpolitiek." Als ondertitel schrijft Amarty Sen "de illusie van het lot," waarmee hij bedoelt, het lot van een gepercipieerde éénduidige identiteit. Ook Sen waarschuwt in zijn essay uit 2006 voor het nefaste effect wanneer je mensen vast timmert op één identiteit. De analogie met cultuur en 'de strijd tussen beschavingen' is duidelijk. In een wereld die tegen sneltreinvaart verstedelijkt en waar grote massa's mensen van verschillende achtergronden samen hun weg moeten zoeken is de zogenaamde 'culturele identiteit' een krachtig concept. Het referentiekader dat mensen gebruiken om anderen een plaats te geven werkt als een soort tabel van Mendeljev. Sen heeft het o.m. over de rol van keuze in identiteit en de sociale context die verschillend kan zijn. Ik moest spontaan denken aan het model van 'de roos van Leary,' dat binnen de groepsdynamica grafisch voorstelt hoe onze rol binnen een groep kan variëren naargelang de omstandigheden dat vereisen. Van leidend en wedijverend over helpend of aanvallend tot verontschuldigend of meegaand. Natuurlijk gaat het bij het model van Leary enkel over sociale dynamieken en komt de rol van de diverse persoonlijkheden in een groep niet aan bod. Maar de analogie is er wel.

Lees verder

Een samenvatting van deze recensie verscheen ook op de site van het E-Zine Uitpers.

zondag, maart 02, 2008

A mighty heart: teleurstellend

Zaterdagavond A mighty Heart gezien op dvd. De film kon ons niet overtuigen. Het gaat over de dood van Daniel ("Danny") Pearl, een Amerikaans journalist in Pakistan. Samen met zijn vrouw Mariane, een franse Journaliste, versloegen ze de Amerikaanse invasie na 9/11 en bleven het land daarna volgen vanuit Karachi. In januari 2002 regelde Pearl, die werkte voor de Washington Post, een interview met een zekere Sheik Gilani. Op de afgesproken dag liet hij zich met een taxi naar de plaats van de afspraak voeren. Hij keerde nooit terug. Op 1 februari werd hij onthoofd door zijn ontvoerders.

Ja, de film geeft een realistisch relaas van de feiten - daar pakken ze nogal mee uit. Maar over het echte waarom van de moord en vooral meer context over de situatie in Pakistan kom je niet veel te weten. Je wordt ook nogal afgeleidt door de constant getuite botox-lippen van de zwangere Angelina Jolie. Die levert een niet onverdienstelijke acteerprestatie maar trekt wel de hele aandacht van de film naar haar toe zonder dat het verder veel oplevert. Waarom de film "A mighty heart" heet? Waarom is "Danny" Pearl die naam waard? Je komt het niet te weten. Er wordt niet verteld wat hij er precies deed. De titel is dan ook een beetje vreemd gekozen. Je kan veronderstellen dat Daniel Pearl met veel goede intenties werkte, maar wat dan precies zijn verdiensten waren wordt niet verklaard. Alleen op het einde de suggestie dat hij vermoord is omwille van zijn jood-zijn waarvoor hij vrij en vrank uitkomt in het youtube-achtige filmpje. Ja, natuurlijk, dat is ook weer makkelijk verklaard.

dinsdag, februari 12, 2008

De Joachim's en André-Rose's van deze wereld

Joachim Sanon is een eigenzinnige boer uit het straatarme Haïti. Hij deed wat weinigen doen en keerde de stad met haar miserie en haar sloppenwijken de rug toe. Na jaren van honger en uitbuiting ging hij terug naar zijn geboortedorp, vastbesloten om van het boerenbedrijf van zijn ouders een succes te maken. Hij sloot zich aan bij een boerenorganisatie en ging daar al snel een leiderspositie innemen. Zijn geheim: creativiteit en veel gezond verstand. Een verfrissend verhaal dus in de doorgaans sombere berichten over landbouwers in het zuiden die massaal have en goed verlaten om de sloppenwijken rond zuiderse metropolen te vervoegen. Het verhaal van Joachim en zijn vrouw André-Rose kan je lezen in een zeer lezenswaardig boek dat Stefan Broeckx schreef in opdracht van Broederlijk Delen.

Stefaan Broeckx is auteur en scenarist van onder meer Wittekerke. Broeckx weet hoe hij een verhaal moet vertellen. De keuze om dat te doen via de persoon van André-Rose is een gelukkige keuze. Die maakt dat je een persoonlijk verhaal krijgt dat alle aspecten van het leven in Cap Rouge (het landbouwersdorp waar Joachim en André-Rose wonen en werken) belicht. Had Broeckx enkel Joachim gevolgd dan was hij wellicht met een redelijk droog verhaal teruggekomen over de problemen van de haïtiaanse boeren.

Het is natuurlijk niet zo dat alle andere boeren in het zuiden de creativiteit van deze Joachim zouden missen en het m.a.w. aan zichzelf te danken hebben. Ook Joachim en zijn boerengemeenschap hebben het niet onder de markt. Vooral het gebrek aan steun van hun overheid - al is het maar het uitblijven van een goede wegverbinding met de hoofdstad - en de nefaste invloed van de internationale vrijmaking van de markt speelt hun parten. Voeg daar aan toe het gebrek aan kapitaal om te investeren in efficiëntere productiewijzen of in het maken van producten met een toegevoegde waarde en je zit met huizenhoge handicaps voor de lokale boeren. Het laatste nummer van IS - het blad van de Nederlandse overheidsdienst voor Internationale Samenwerking - zegt het ook in haar laatste nummer: "De redding komt van de boer" met als ondertitel "Landbouw terug van nooit weggeweest." De tijd is voorbij dat de enige oplossing voor de arme massa's in het zuiden zogezegd in de steden lag. Ten eerste zullen die steden er de eerste 100 jaren nooit in slagen om voldoende werkgelegenheid te scheppen voor al dat ongeschoold personeel. En verder is landbouw één van de sectoren waar het zuiden kansen heeft om zelf toegevoegde waarde te creëren en eigen middelen te genereren voor haar ontwikkeling. In haar laatste 'world development report' stelt de Wereldbank vast dat de enorme groei van China en India vooral te wijten is aan een spurt vooruit van hun landbouw. Willen andere landen in het zuiden dat voorbeeld volgen dan is de voorwaarde dat deze landen hun eigen markten mogen en willen beschermen. Iets wat Europa en Noord-Amerika decenia al eeuwen lang doet en wat ze nu aan de voormalige wingewesten wil ontzeggen. In die contradictie schuilt één van de grote onrechtvaardigheden en risico's van dit geglobaliseerde tijdsgewricht.

>> Meer over hoe Broederlijk Delen de boerenorganisatie Vedek steunt op hun campagnewebsite.

maandag, januari 14, 2008

Cultu(u)renpolitiek

Met het boek "Cultu(u)renpolitiek" heeft KifKif een behoorlijk gedocumenteerde en onderbouwde kritiek afgeleverd op de 'culturalisering' van alle problemen waar onze samenleving vandaag de dag mee te maken heeft. Met andere woorden, problemen komen voort uit de 'cultuur' van de betrokken mensen. Of nog: uit de onaangepastheid van de cultuur in kwestie. Meer specifiek richtten Ico Maly en zijn gelegenheidsredactie hun pijlen op het misbruik van die culturele logica door de politiek. Het is een kritiek die niets te vroeg komt, want ook al bewijst de realiteit op het terrein, zowel in binnen- als buitenland, het failliet van dat discours, er wordt nog steeds kwistig gebruik van gemaakt... door de politieke klasse en in de samenleving, waarvan die eerste groep steeds vaker meent de spreekbuis te moeten zijn. En dat laatste heeft alles te maken met de enorme mediatisering van het debat.

De 'culturalisering' van het politiek debat is een evolutie die zowel in eigen land als mondiaal aan de orde is en die bijzonder gevaarlijke consequenties heeft, zeggen Ico Maly en zijn ploeg. Ik ben het daar grotendeels mee eens. En het is goed dat de boodschap van Huntington (De botsing van beschavingen, 1993) en Fukuyama (Het einde van de geschiedenis, 1992) nog eens goed worden geduid. Je zou nog andere ideologische historici aan het rijtje kunnen toevoegen: W.W. Rostow bvb. met zijn "Stages of economic Growth." Allen hebben gemeen dat ze fan zijn van het 'Westerse moderne model.' en neerkijken op alles wat als 'achterlijk' ("Backwardness") wordt gepercipieerd.

In dit hele verhaal speelt de media een belangrijke rol. Meer nog: zonder de gewillige medewerking van de media zou deze evolutie gewoon niet mogelijk zijn. Want ondanks het massale gebruik van internet als communicatiemedium blijven de traditionele media de belangrijkste manier om op een massale manier aan ideëenverspreiding te doen. Het culturaliserend debat biedt overwerkte journalisten een eenvoudig kader om hun berichtgeving in te plaatsen. Voor hun bazen, de mediabonzen en hun rechtstreekse handlangers nl. de marketeers, is zulk culturaliserend kader een geschenk uit de hemel. In deze tijden van enerzijds de groeiende verstrengeling tussen redacties en de commerciële afdelingen en anderzijds innovatieve marketingstrategieën zoals contextgevoelige reclame lenen culturele verklaringsmodellen zich veel beter tot de integratie met onderhuidse reclame. Het nieuwe 'grote verhaal' brengt bovendien mensen in de juiste 'state of mind' om gepolijste beelden van de reclamejongens en -meisjes als het ware op te zuigen.

Op dit culturaliserend interpretatiekader is ondertussen een hele sector gegroeid van professionals die zich gespecialiseerd hebben in interculturele communicatie. Moeten de mensen in deze sector zich nu bedreigd voelen door deze kritiek? Reeds in het eerste hoofdstuk haastten Jan Zienkowski en Ico Maly zich te verklaren dat ze de notie cultuur niet willen afschaffen. Ze willen de tendens om cultuur als een objectief en allesverklarend fenomeen voor te stellen aan de kaak stellen. Volgens hen kan cultuur hoogstens een categorie zijn in de globale betekenisgeving van taal en macht zoals die op het publieke forum gebruikt wordt.

Wat internationaal wellicht het gevaarlijkste is aan het culturaliserende discours is de vervreemding van het (Westerse) publiek. John met de pet uit Iowa leeft met de overtuiging dat moslims irrationele fanatici zijn die om één of andere onbegrijpelijke reden iets hebben tegen zijn land. De doorgedreven mediatisering van het officiële discours via overwegend commerciële mediakanalen leiden tot een chronisch tekort aan onafhankelijke berichtgeving. Want dat officiële discours verbergt natuurlijk wel een reeël beleid, met (veel) geld van de Amerikaanse belastingbetaler, met in de luwte gesloten handelsakkoorden, met militaire contracten en steun voor bevriende régimes enz. Régimes die op hun beurt weinig gelegen laten liggen aan de ontwikkelingskansen van hun bevolking. Het overwicht van de professionele public relations in de communicatiestromen is dusdanig dat democratische controle op het buitenlands beleid haast onbestaande wordt of in ieder geval te marginaal om rekening mee te houden. Ja, de VS heeft zijn unieke wet op de openbaarheid van bestuur. En die maakt dat je alle officiële beslissingen vrij kan opvragen. Maar wie maakt daarvan gebruik? Enkele journalisten van de New York Times, onder andere. Een krant die gelezen wordt door hoop en al een half miljoen mensen. Op een kiezerspubliek van 220 miljoen, te verdelen onder slechts 2 partijen maakt dat niets uit.

Link: Walter Lotens besprak dit boek al voor Uit-Pers.

zondag, september 16, 2007

Librarything - je eigen bibliotheek on-line

Tijdens de laatste weken van de voorbije zomer kreeg ik een idee voor een nieuwe 'community-website' over boeken. Op een camping ergens tussen noord-Spanje en thuis zat ik driftig mijn opwellende visioen uit te werken in een notaboekje. Ik sprak er daarna over met een bevriende webdesigner en die was enthousiast... tot we op het net stootten op Librarything - Het bestond al!

Enerzijds spijtig maar anderzijds, nu kon ik meteen beginnen met mijn bibliotheek on-line te zetten. Het zal wel even duren want importeren lukt toch niet voor alle boeken blijkbaar. Wat wel kan is met een klein lezertje je (recente) boeken gewoon inscannen via de barcode. Ik moet ook nog tags en recensies e.d. toevoegen maar dan komt wel. Het is in ieder geval een fantastisch ding voor elke boekenwurm!

maandag, september 10, 2007

"We, the people who are darker than blue" - nieuw werk van Bert Want


[Nieuwe Tentoonstelling 'Congo' van Bert Want]

Welkom op de feestelijke opening van de tentoonstelling “Congo” met nieuw werk van Bert Want. "We, the people who are darker than blue" zou een mooie ondertitel kunnen zijn. Niet alleen als titel van één van de werken maar vooral omdat dit citaat uit “Heart of darkness” van Joseph Conrad perfect aangeeft hoe sterk de mensen van Congo aanwezig zijn in deze tentoonstelling. Met andere woorden, er is veel te vertellen over al dit nieuwe werk van Bert.

Een verre reis maken heeft voor een kunstenaar altijd nog een grotere impact dan voor u en ik. Toen hij, nu meer dan 15 jaar geleden, terugkeerde van India heeft die ervaring een diepe stempel gedrukt op zijn werk. Tot op vandaag komen elementen voor in zijn beeldentaal die rechtstreeks op die ervaring terug te voeren zijn. Ook landen als Thailand en Australië hebben hem beïndrukt, al is dat niet zo sterk als India. Toen ik enkele weken geleden een eerste keer zijn nieuwe werk kon bekijken - het was een beetje een frisse zomeravond en de deuren van het atelier stonden wagenwijd open, het was ook al wat donker behalve onder de lampen van zijn werktafel – toen dacht ik wauw, dit werk is van dezelfde intensiteit als na India. Niet zozeer stilistisch, (Bert zijn etsen hebben vaak de kwaliteit dat ze je naar de keel grijpen) maar qua inhoudelijke betrokkenheid. Ik kom daar straks op terug. In ieder geval, ik keek dus rond in het schemerduister en de tekeningen en schilderijen lagen of stonden overal - er was een vochtige lucht die binnenwaaide. We praatten samen over Congo terwijl Bert één voor één een nieuw werk onder de lampen naar voor haalde. En ik zweer dat ik me even in de lichtcirkel van een kampvuur waande,
op een donkere plek in het tropisch woud terwijl allerlei vreemde figuren op mij afkwamen, figuren die mij iets wilden vertellen maar die een andere taal spraken en tot een andere wereld behoorden.

De werken in deze thematentoonstelling kan je ruwweg opdelen in een vijftal delen. Veruit het omvangrijkste deel is het monumentale waterlijn werk. Dat hangt aan de lange muur. Rode draad is de Congo-stroom. Voor alle duidelijkheid, de werken zijn elk apart te koop. Ten tweede zijn er enkele schilderijen die op zich zelf staan maar die telkens een specifiek thema in verband met Congo uitwerken. Dan zijn er een aantal etsen en oudere werken die om één of andere reden aansluiten bij het thema. Ten vierde is er de 'nostalgische muur' met visuele parafernalia en kleine
maar fijne werkjes van vroeger. Ten vijfde dan zijn er de dagboeken. Dat zijn twee grote werken met de originele (aan)tekeningen van Bert die hij maakte tijdens zijn afvaart van de Congo-stroom. Ze hangen op de zwarte muur.

En wanneer u de werken grondig bekijkt zal u merken wat een impact die reis had op 's mans creatieve brein. Congo is dan ook een land waar je nauwelijks vrijblijvend naar toe kan. Voor een kunstenaar is dat al helemaal onmogelijk.
Tijdens mijn gesprek met Bert kwam het steeds terug: "Het is er onwaarschijnlijk vuil en vies en armoedig - de miserie springt je in het gezicht - maar het is er tegelijkertijd ook o zo schoon." Nu rekent Bert zichzelf niet tot de school van de geëngageerde kunst - hij wil niemand overtuigen. Wat je hier ziet hangen is de hoogstpersoonlijke verwerking van wat hij daar zag, ook al zitten daar een paar serieuze afrekeningen bij.Ja, Bert rekent hier af met een stuk collectief geheugen van ons allemaal. Hij maakt korte metten met een stuk vaderlandse geschiedenis dat niet ons fraaiste is. Om de meest opvallende te noemen: de drie Stanleys met potsierlijke hoed in de Belgische driekleur. Of de zotte koning Leopold met witte baard die hoogrood aangelopen ezelsoren kweekt onder het motto "the destroyer will look silly."

Het blijft toch een moeilijke zaak: wat doe je met al de cliché's, de erfenis van de kolonisatie, de miserie van de mensen enz. Bert is natuurlijk ook maar een mens. Het werk waar die twijfel waarschijnlijk het duidelijkst verbeeldt is hangt op de nostalgische muur. Wat je ziet is een figuur die zijn hoofd ternauwernood boven water houdt. Het is Bert zelf die in een 19e eeuws duikerspak net boven de waterlijn hangt van de Congo stroom. Hij wordt meegesleurd door wat je zijn levenslijn zou kunnen noemen: een zeppelin. Waarvoor staat dan die zeppelin? De menselijke hoop van een kunstenaar tegenover de ondraaglijke lichtheid van het bestaan in een land waar het leven zoveel minder waard is als bij ons? Zijn verbeeldingskracht als reddingsboei? Volgens Bert staat de zeppelin voor een ingesteldheid waarmee hij naar het land kijkt. En zelfs bij dit beeld vol twijfels is er nog het konijn als relativerend element. Zo relativeert de would-be ontdekkingsreiziger zich zelf en alle ontdekkingsreizigers vóór hem. Want al gaat deze tentoonstelling over dat
onbestemde gevoel dat je kan hebben op reis, een gevoel van je in een vreemde wereld te bevinden, in zijn werk stelt Bert Want meteen ook enkele pertinente vragen: voor de mensen die hij ter plaatse ontmoet is hun wereld namelijk helemaal niet vreemd. Of nog: zogenaamde 'ontdekkingen' in deze zin zijn vaak niet veel meer dan zelfgenoegzaamheden.

Toch wil hij geen statements maken. Door zijn fantasiewereld te gebruiken laat hij het land intacter dan door statements te poneren. "Het Congo dat je hier kan zien," zo zegt Bert, "is zijn Congo," niet het werkelijke Congo. Zoals te lezen staat op één van de twee fetishen - dat zijn de 2 beeldjes die onderdeel zijn van het grote waterlijn werk - "I saw a land of milk and honey in your mind." De twee beeldjes staan voor respectievelijk de wijsheid en de reiziger. Eén van de opvallendste werken waarin dit tot uiting komt is "de koning van de Congo" oftewel 'Nzoku.' Die koning is een indrukwekkende olifant tegen de achtergrond van de Congolese wildernis. Het dier is reeds lang uitgestorven in het land. Ze werden allemaal afgeschoten in de vorige eeuw. Toch leeft de olifant voort in de herinnering van de
Congolezen zoals blijkt uit het volgende spreekwoord in het lingala: "de olifant wordt niet moe van zijn slagtanden te dragen." Mooi toch...

Zoals vorig jaar op de laatste tentoonstelling zien we vooral tekeningen en schilderijen. Het is duidelijk: de etser Bert Want wil verbreden. En tekenen is een kunstvorm die hem zoveel meer vrijheid biedt dan etsen. Hij kan zijn gevoel
onmiddellijk uitwerken, het is zoveel sneller en gevoeliger. Bert is een meester in het scheppen van een specifieke atmosfeer. Een sfeer die samenhangt met een heel eigen universum. Hij doet dat door te spelen met perspectief en door figuren en situaties creatief te combineren. Een beetje zoals dat kan op televisie. Op het schilderij le faux pasteur associeert het stille landschap onwillekeurig met "the heart of darkness," voor wie het beroemde boek van Joseph Conrad gelezen heeft. De vraatzuchtige roze vis jaagt de zwarte vissen op. Rechts bovenaan kijkt een Afrikaans beeld je onbewogen in het gezicht. Het is de 'faux pasteur,' een charlatan die hele families om de tuin leidt. Het is ook een beeld dat weergeeft hoe een Afrikaanse stam westerlingen zag.

Iets anders. Hebt u al eens gehoord van de "Smorkin' Labbit?" Het is een Japans figuurtje dat wat weg heeft van een klein konijn in Humphrey Bogaert pose met een sigaret achteloos in de mondhoek. In het land van de rijzende zon heeft het wezentje zich een prominente plaats veroverd in de media. Nu duikt het hier op in verschillende van Bert zijn doeken. Is het de kunstenaar zijn riposterend onderbewustzijn? Vecht het Europese konijn een bittere strijd uit met deze Japanse nieuwkomer? Bert weet het zelf ook niet zo goed als ik hem ernaar vraag. Maar het zou wel eens kunnen dat de 'Smorkin Labbit' carrière aan het maken is als zijn nieuwe logo.

Tenslotte: als u langs het tafeltje passeert schrik dan niet als u vanuit uw ooghoek een vervaarlijk uitziende vis uw richting op ziet bewegen. Mbenga is een zogenaamde pantserpoon, maar is verder volstrekt onschuldig. Alhoewel hij afkomstig is uit Filippijnse wateren is hij Afrikaans geadopteerd (vandaar dus zijn Congolese naam). Zijn militaire onderstel kreeg hij hier in België. Hoe hij uiteindelijk in het bezit is gekomen van Bert, dat is een raadsel dat in oktober 2008 zal onthuld worden tijdens een thematentoonstelling over geanimeerde dieren. Dat wordt een moment om naar uit te kijken!

Een jaar geleden nog maar presenteerde meester-etser Bert ons zijn eerste tekeningen en schilderijen. Ondertussen heeft hij al de nieuwe werken voor deze thematentoonstelling met pen en penseel gemaakt. In oktober 2008 belooft hij
een tentoonstelling geheel gewijd aan geanimeerde dieren zoals Mbenga. Ik denk dat deze hardwerkende kunstenaar voelt dat de jaren '40 naderen voor hem. En gezien de volkswijsheid zegt dat een mens zijn intellectuele toppunt haalt rond zijn 50ste geeft hem dat nog slechts een tiental jaar om de top van zijn kunnen te bereiken... Alhoewel, 'slechts?'Aan dit tempo hebben staat ons nog veel moois te wachten…

donderdag, augustus 30, 2007

Islam en democratie – de angst voor het moderne; Fatima Mernissi

Bij het samenstellen van het boekenlijstje voor ons verblijf in Marokko stootte ik op een boek van Fatima Mernissi dat nog ongelezen in mijn bibliotheek stond: Meer dan 15 jaar voor Foaud Laroui en Sami Zemni schreef de Marokkaanse sociologe al een knap boek over de verhouding tussen Islam en democratie. Het was kort na de eerste golfoorlog en de angst voor het Westen kreeg door de oorlog een nieuwe impuls onder de volksmassa's in het midden oosten en de Maghreb. De protesten werden echter heel éénzijdig voorgesteld door de Westerse media. De moslimwereld als monolithisch blok was geboren. Nu, 15 jaar later, is dat beeld alleen maar verergerd en hebben de extremisten ook de armslag gekregen die ze toen enkel nog in theorie hadden.

Ook het verhaal van Joris Luyendijk (“Het zijn net mensen”) wordt hier bevestigd: het verhaal van hoe de Arabische en Maghrebijnse régimes een status-quo handhaven: het handvest van de Verenigde Naties ondertekenen en thuis een dictatuur in stand houden waar onder meer gelijke rechten voor mannen en vrouwen een verre droom blijven. Ze doen dat door de Arabische volksmassa's er voortdurend van te overtuigen dat de Verenigde Naties een oord zijn van schijnheiligheid en manipulatie.


"De Islam is waarschijnlijk de enige monotheïstische godsdienst waarvan het wetenschappelijk onderzoek systematisch wordt ontmoedigd, om niet te zeggen verboden." Volgens Fatima Mernissi is dit omdat "een rationeel ingestelde islam niet in dienst kan gesteld worden door despoten." Daarmee is meteen duidelijk hoezeer de krachtsverhoudingen in de regio leunen op een manipulatie van de samenleving. Alles wordt gemanipuleerd door de machthebbers - een groot deel van de energie en de middelen die het land ter beschikking heeft gaat naar het controleren van de binnenlandse vijand. De taal en de religie zijn de belangrijkste instrumenten om de hoofden en harten van de bevolking op dezelfde lijn te houden. Voor Mernissi zijn de integristen van de moslimpartijen in die zin bondgenoten van de machthebbers die hen vaak heimelijk steunden. Maar ook dat 'bondgenootschap' is de leidende klasse in het gezicht terug ontploft. Door het uitblijven van enig perspectief op deelname aan de macht zijn sommige strekkingen geradicaliseerd en hebben ze gekozen voor het extreme geweld dat we gezien hebben de laatste jaren.

Lees de volledige recensie

vrijdag, april 27, 2007

Si le vent soulève le sable

Eén van de vele juweeltjes die deze week in Turnout op OPEN DOEK te zien waren was "Si le vent soulève le sable" over een gezin uit de Sahel dat door de droogte wordt weggedreven uit hun dorp. Terwijl de woestijn de aarde aanvreet blijft het droge seizoen duren. Water is er niet meer. Het vee sterft. En er dreigt oorlog. De meerderheid van de inwoners volgen hun instinct en vertrekken naar het Zuiden. Rahne, de enige geletterde dorpsbewoner, beslist om samen met zijn vrouw Mouna en hun drie kinderen naar het Oosten te trekken. Een paar schapen, geiten en de kameel Chamelle vormen hun enige bron van rijkdom. Onder een verwoestende zon reizen Rahne en de zijnen door vijandige gebied, een tocht zonder einde waarbij ze vaak het pad van de dood kruisen. Naast de cinematografische rijkdom prachtige acteerprestaties van Issaka Sawadogo en Carole Karemera. Het scenario is fictie maar is door Marion Hänsel zo geloofwaardig in beeld gebracht dat het na deze film gezien te hebben nog erg moeilijk is het verhaal van Afrikaanse vluchtelingen in uit die regio in twijfel te trekken.

Ik moest bij het bekijken terugdenken aan het boek van John Reader (Africa, a biography of a continent). Reader schetst in zijn boek een ontluisterend en episch beeld van het onherbergzame Afrika en de vele problemen die zijn inwoners steeds gehad hebben om te overleven. En dan te bedenken dat de klimaatproblemen die Afrikanen in de toekomst op hun nek gaan krijgen - waarvoor ze zelf niet verantwoordelijk zijn - het nog veel moeilijker zullen krijgen...

woensdag, april 18, 2007

"Laten we ophouden de dingen door elkaar te halen" - Fouad Laroui schreef een persoonlijke weerlegging van het Islamisme

Faoud Laroui is één van de bekende stemmen die zich in 2006 hebben uitgelaten over het Islamisme. Laroui is een Nederlands schrijver en wetenschapper van Marokkaanse origine. Hij noemt zichzelf een agnost en weigert in ieder geval aangesproken te worden als lid van de moslimgemeenschap. In Vlaanderen is de man relatief onbekend maar dat is onterecht want zijn visie als seculiere intellectueel is alleszins interessant. Met zijn boek "over het islamisme" schreef hij "een persoonlijke weerlegging" en dat geeft al aan dat het geen wetenschappelijk boek is. Wel een hartstochtelijk pleidooi voor een individuele geloofbeleving. Zijn missie: de jonge moslim weghouden van de fundamentalistische strekkingen in de Islamwereld. Die laatsten moeten het daarbij zwaar ontgelden.

Fouad Laroui zag ooit een wetenschappelijk medewerker op de Marokkaanse televisie beweren dat de geologie als wetenschap haar oorsprong vond in de Koran. Als wetenschapper is Laroui goed voorzien van argumenten om de zaak "wetenschap versus religie" voor eens en voor altijd naar het rijk van de demagogie te verwijzen. Zijn vaststelling: de beide domeinen zijn onontkoombare maar niettemin volstrekt gescheiden onderdelen van de menselijke ervaring. Religie werkt met dogma’s en staat buiten tijd en geschiedenis. Wetenschap werkt met paradigma's die slechts gelden tot ze weer worden weerlegd door nieuw bevindingen. Dat zijn twee totaal verschillende uitgangspunten. Overigens gebruikte zelfs Charles Darwin - baarlijke duivel voor creationisten en fundamentalisten aller landen - in zijn "De oorsprong van alle soorten" het woord schepper: "er zit een bepaalde grootsheid in deze kijk op leven... door de schepper ingeblazen in één vorm of meerdere vormen." Met andere woorden, de wetenschappelijke theorie sluit God niet uit. Het is een veel voorkomende misvatting bij Islamisten: de zogenaamde historische interpretatie van de heilige teksten, van álle heilige teksten overigens. Alsof je Koran, Bijbel of Talmoed kan lezen als een geschiedenisboek. Laroui geeft talloze voorbeelden van soera`s (verzen uit de Koran) waar historisch kop noch staart aan te maken valt. Aangehaalde gebeurtenissen die van een ongehoorde banaliteit zouden getuigen als ze historisch bedoeld zouden zijn. Zoals wat er moest gebeuren "met de buit na de slag in de Badrvallei. Islamisten die deze teksten letterlijk lezen weten niet waar ze het over hebben," benadrukt Laroui.

Lees verder de volledige recensie

dinsdag, januari 30, 2007

Politieke Islam, 9/11 en jihad - Sami Zemni

Dit boek zou prominent moeten figureren in de literatuurlijstjes van iedereen die in dit land met buitenlands beleid bezig is. Diplomaten, adviserende beleidsorganen en politici zelf kunnen er heel wat uit opsteken, vooral als het gaat over de relaties met het midden-oosten. Maar ook de minister van binnenlandse zaken die wel eens 's nachts wakker ligt van zogenaamd 'moslimterrorisme' zou het werk best laten bestellen door zijn kabinetchef. Tenminste als ze bereid zijn verder te kijken dan de heersende consensus die de islam louter bekijkt als de nieuwe vijand bij uitstek en onverenigbaar met democratie. Als populair wetenschappelijk werk is de tekst niet gespeend van wetenschappelijk jargon, wat eigen is aan het genre. Maar de vlotte schrijftrant en de consistente lijn van het vertelde verhaal maakt het boek toch heel leesbaar. De dwingende oproep van de auteur, namelijk om de idee van een 'botsing der beschavingen' naar de papierversnipperaar te verwijzen, wordt er vooral door onderstreept.

Lees verder - Recensies: Politieke Islam, 9/11 en jihad - Sami Zemni

donderdag, januari 25, 2007

Palestine & Palestinians: uitmuntende reisgids van de ‘Alternative Tourism Group’

Een toeristische gids exclusief over Palestina? Maar Palestina is toch geen land… kan dat dan niet als onderdeel van een gids over Israël? En overigens: “is het daar niet erg gevaarlijk met alleen maar stenen gooiende jongeren?” Dit soort gemeenplaatsen hoor je vaak als dit boek opduikt in een café-conversatie. De reacties tonen aan hoezeer ons gebrek aan kennis over dat Bijbelse land in het nadeel speelt van een volk dat in de internationale media dagelijks het onderspit moet delven. Het kan dan ook moeilijk anders dat de dagelijkse realiteit van dit onderdrukte volk aandacht krijgt in deze reisgids. Maar daarnaast blijkt het historische Palestina ook een zeer mooi land met een enorme weelde aan cultuurhistorisch erfgoed en bovenal een bevolking die je met open armen ontvangt.

Lees verder

dinsdag, januari 16, 2007

De laatste uren van Salvador Puic Antic

Vrijdag zijn we naar "Salvador" gaan kijken. Geen gepastere keuze in het cinema-aanbod deze week na de nieuwjaarsreceptie van Amnesty Vlaanderen. Salvador gaat over de laatste ter dood veroordeelde in Spanje.. slachtoffer van het Franco regime. Het was 1974 - als 7-jarige waren dat voor mij de veilige jaren 70, maar in feite was dit kleine Vlaanderen een soort `hobbitstee` in een wereld vol oorlog en dictatoriaal geweld. De tranen zijn moeilijk te bedwingen als de laatste slopende uren van Salvador Puic Antic traag voorbij kruipen. En het is goed dat die laatste nacht voor zijn moord van staatswege zo extensief in beeld gebracht wordt. Bij mijn weten is dat nog nergens in een film zo gebracht.

Een verblijf in het voorportaal van de dood: je zou het niemand toewensen, wat ze ook op hun kerfstok hebben. En dan te weten dat in de VS nog steeds velen op de beruchte 'death row' wachten op hun geplande ombrenging. Tot voor kort waren daar ook minderjarigen bij, ongeveer een haar geleden had ik nog een gesprek met de moeder van Robert Acuna, de laatste jongere die op death row zat en nipt ontsnapte aan zijn dood.

Salvador werd ter dood gebracht door wurging, een barbaarse praktijk die nog tijdens de inquisitie werd toegepast. Ook die moord wordt in beeld gebracht, en de gène bij de aanwezige generaals wanneer de dood niet onmiddellijk intreedt... Dit heeft de waarde van een document.

donderdag, september 28, 2006

Beelden uit het Midden-Oosten: “Het zijn net mensen” van Joris Luyendijk

Dit is een belangrijk boek. Vooral omdat Joris Luyendijk de euvele moed had om de journalistieke praktijk van het correspondentschap in het Midden-Oosten in zijn hemd te zetten. Hij doet dat door zeer eerlijk en open de praktische problemen te beschrijven die hij als correspondent ervoer en de confrontatie met zijn eigen twijfels niet uit de weg te gaan. Hij durft het aan die twijfels tot in zijn uiterste consequenties door te drijven, waarmee hij uiteindelijk de relevantie van zijn job in twijfel trekt én de pertinente vraag opwerpt of een deugdelijke nieuwsgaring wel mogelijk is in het Midden-Oosten. Dit boek veroorzaakt behoorlijk wat deining in Nederland en wellicht zal Luyendijk als ‘nestbevuiler’ niet zo snel nog bij zijn ex-collega’s aan de deur moeten komen. Na vijf jaar hield hij het sowieso voor bekeken. De specifieke invalshoek maakt dat ook Midden-Oosten specialisten dit boek wellicht zullen kunnen waarderen. Ben je als doorsnee consument van het dagelijkse buitenlandnieuws op zoek naar een pepmiddel voor je kritisch vermogen? Dan is dit boek het gedroomde medicijn.

In dit boek beschrijft de auteur zijn ervaringen als nieuwbakken correspondent Midden-Oosten voor de Nederlandse NRC, de Volkskrant, het Radio 1 Journaal en het NOS Journaal. Van hem werd verwacht dat hij de hele regio volgde vanuit Caïro. Een opdracht die hem al snel deed stoten op de grenzen van de media in een land als Egypte. Als er een bomaanslag plaats vind in een buitenwijk van Caïro dan zul je dat sneller vernemen via de Westerse persbureaus dan op de nationale radio. Als journalist kan je wel de gewone Egyptenaar vragen stellen maar je kan niet extrapoleren want er bestaan geen officiële gegevens. Luyendijk’s boude stelling is dat de normale journalistieke praktijk eenvoudigweg niet mogelijk is in een dictatuur. Veel van de tv-correspondenten verworden snel tot “presentatoren ter plaatse.” Dat wil zeggen dat ze vanuit hun redactie worden opgebeld met het nieuws van de dag, wat ze vervolgens samenvatten en herhalen voor de camera met achter hen de skyline van een Arabische stad. De consequenties voor ons beeld van het Midden-Oosten zijn niet min: wat wij te horen of te lezen krijgen is bijna uitsluitend wat de internationale persbureaus interessant vinden om te brengen.

Luyendijk slaat ook al snel aan het analyseren. Hij gaat in op een aantal technische mechanismen die eigen zijn aan tv-verslaggeving en die in het nadeel spelen van elke journalist die het Midden-Oosten conflict diepgaand wil behandelen. Zo beschrijft hij de “wet van de schaar.” Een basismechanisme uit de televisiejournalistiek die de werkelijkheid op tv reduceert tot wat filmbaar is. In het conflict Israël-Palestina weet de superieure Israëlische propagandamachine het medium perfect te manipuleren. Een ander heikel punt in de verslaggeving is het woordgebruik en Luyendijk stelt zichzelf luidop de vraag of onpartijdigheid wel mogelijk is: “Is het Palestijnse geweld het werk van terroristen of verzetstrijders?” of “Israëlische politici die een geweldloze oplossing zoeken zijn ‘duiven,’ hun Palestijnse tegenvoeters ‘gematigd,’ implicerend dat alle Palestijnen fanatiekelingen zijn.” Enz.

De conclusie op het einde van hoofdstuk 9 kan dienen als conclusie voor het hele boek. Hier analyseert Luyendijk de onderhandelingen rond de Oslo akkoorden en de manier waarop de afhandeling ervan in de internationale media kwam: rampzalig voor het Palestijnse kamp. Hij sprak hierover met diverse prominente Palestijnse stemmen van buiten de autoriteiten. Hun conclusie: het falende mediabeleid was een rechtstreeks gevolg van de autoritaire opzet van de Palestijnse Autoriteiten. “Het was allemaal logisch, en ik begreep weer beter waarom Israël en westerse regeringen, alle retoriek ten spijt, graag zakendoen met dictators: één sterke man is eenvoudig te controleren en klem te zetten dan een democratisch gekozen leider. En als zo’n dictator het in een mediaoorlog tegen je opneemt, stuurt hij niet zijn beste mensen het veld in.” En zo is de cirkel rond.

(deze recensie verschijnt in nr. 381 van het tweemaandelijks tijdschrift Vrede - een uitgebreidere versie met extra bedenkingen komt op het Webzine Uit-pers maar het is nu ook al te lezen op mijn recensie-blog)

vrijdag, september 08, 2006

Vernissage “Owl Stretching Time” van Bert Want


[Inleidend woord op vernissage “Owl Stretching Time” van BERT WANT op donderdag 7 september 2006]

Beste vrienden en kunstliefhebbers,


Ik ben vereerd deze tentoonstelling van Bert Want te mogen inleiden. Het is steeds een avontuur om zijn nieuw werk te bekijken.
Velen van u stonden hier bij vorige gelegenheden ook. Samen met mij hebben jullie het werk van Bert Want zien evolueren. Als er één constante is in het verhaal van Bert, dan is het zijn kunst. En dan vooral de constante kwaliteit van zijn werk, dat ondanks de stormen in zijn persoonlijk leven alleen maar beter wordt.


Het eerste dat bekenden met Bert’s werk zal opvallen is dat bij het nieuwe werk weinig etsen zijn. In plaats van de mono- of duochrome lijntekeningen die we van hem kennen blaken de figuren nu van een uitbundige kleurenrijkdom. De tijdelijke afwezigheid van zijn pers dwong Bert om zich te storten op een ander medium: dat van pen en penseel. Wil dat zeggen dat we nu geen nieuwe etsen meer krijgen te zien van Bert, zo vroeg ik hem? Neen, de meester-graficus kan zijn ding niet zomaar loslaten. Maar, waar tekeningen en schilderijen vroeger slechts voorbereidingen waren voor de etsen, nu zijn ze veel meer dan dat.


Naar eigen zeggen was het een hele verassing voor hem dat zijn wereld zich ook op deze wijze laat manifesteren. Meer nog: zoals jullie straks zelf kunnen vaststellen nam de expressiviteit een hoge vlucht in zijn werk. Want hoe mooi het ambacht van de etser ook is, er moeten regels gevolgd worden. Je hangt vast aan materialen en zuurtijden en drukprocessen. Op papier of canvas ben je veel meer baas van wat je maakt. Tweede belangrijk verschil: bij etsen is kleur een ondersteunend element. Bij schilderijen wordt kleur veel belangrijker dan de zwarte lijn. En dat zie je onmiddellijk in zijn werk. Maar vergis je niet: het zijn geen schilderijen in de gewone zin van het woord. De figuratieve lijnenrijkdom is gebleven. Bert Want schildert dan ook als een etser: hij tekent met verf. Met piepkleine penseeltjes bouwt hij lijntje per lijntje zijn werk op. Die techniek, dames en heren, is heel bijzonder.

***

Enkele jaren geleden bij een vorige vernissage gewijd aan Bert’s werk heb ik het al eens gehad over geschiedenis als één van de bepalende invloeden in zijn werk. Dat is niet veranderd. De figuren die in zijn werken de hoofdrol spelen zijn nog steeds geïnspireerd op historische personages. Zo bijvoorbeeld Gordon, de eertijds beroemde Britse gouverneur van Soedan. Hij komt verschillende malen terug in Bert zijn werk, onder verschillende gedaantes. Op “Gordon of Kartoum” lijkt hij sterk op een tragisch kijkende oude jachthond. Of zoals de hoofdfiguur uit “the lady with the koreander.” Daar moet iets mee zijn. Iedereen die Bert persoonlijk kent weet dat hij een diepgeworteld afgrijzen heeft voor het kruid in kwestie (koreander). Afgezien daarvan heeft de figuur een reuzesnor en een monocle, wat voor een dame van stand eerder vreemd is. Laat u bovendien niet vangen door het formeel uitziende Chinese tekstballonnetje. Wat ze zegt is: “oude konijnen die nog geen seks hebben gehad.” Deze twijfelachtige vaststelling schijnt bedacht te zijn door een dichteres-vluchtelinge die haar zorgen wegschilderde in het beoefenen van de hoge kunst der kalligrafie. Het was op een zomerkamp voor asielzoekers dat dit werk ontstond. Bert is er gaan koken als vrijwilliger. Ah, vandaar de koreander! Inderdaad. Onder het tekstballonnetje schreven andere asielzoekers “ik houd van u,” respectievelijk in het Chinees, Arabisch, Afghaans en Thaïs.


Tekst, er zijn nauwelijks werken te vinden zonder. Maar beste mensen, voor u zich afvraagt wat al die teksten betekenen en de kunstenaar met vragen overstelpt, tekst is een vormelijk onderdeel in Bert’s werk. Het gaat hem niet om de betekenis. Wat niet wegneemt dat de tekst als element in de compositie wel iets uitdrukt… In de figuratieve sprookjeswereld die Bert schept tracht hij je steeds weer mee te slepen in een verhaal. Een verhaal dat uitdrukking krijgt in een situatieschets, waar allerlei zaken samenkomen, die op één of andere manier een historisch beeld oproepen. De hoofdpersonages zijn meestal dieren, kleine knaagdieren en insecten, die hij prominent op de voorgrond plaatst. Vertegenwoordigers van wat je het woekerende leven zou kunnen noemen, die je trots maar door de plotse aandacht ook ietwat onwennig aankijken.

Bert gaat graag op reis. Zijn doeken en etsen laten zich lezen als het logboek van een imaginaire 18e eeuwse ontdekkingsreis. Een logboek vol geheimzinnige aantekeningen en humoristische kanttekeningen. Net zoals voor een roman zoekt hij elementen die om één of andere reden een rol kunnen spelen in het verhaal dat hij wil vertellen. Vaak neemt dat verhaal absurde wendingen maar de tentoonstelling kreeg niet voor niets de naam “owl stretching time” naar de eerste film van Monty Python.

Beste kunstliefhebbers, kijk uw ogen uit vanavond, en als u een uniek stuk kunst in huis wil halen, aarzel niet uw kans te wagen. Voor Bert: ik hoop nog veel vernissages van jou te zien.
Ik dank u.

donderdag, september 07, 2006

Owl stretching time in Art Gallery 100

Een detaïl uit het nieuwste werk van Bert Want, dat ik vanavond inleidt op de vernissage in Art Gallery 100 in Antwerpen. Je kan de tentoonstelling "owl stretching time" gaan bekijken tot 10 oktober. Heel erg aanbevolen voor wie hem nog niet kent. Voor de anderen ook natuurlijk. Morgen zet ik de speech op dit blog.

vrijdag, augustus 25, 2006

The Hours

Vanavond nog eens "The Hours" gezien. Sommige films blijven de moeite waard om een tweede maal te bekijken. Afgezien van het horror gevoel dat me nog steeds bekruipt bij Noord-Amerikaanse 'suburbs' uit de jaren '50 van de vorige eeuw en dat onmiddellijk herkenbaar is... afgezien van dit 'madeleine-effect' was me vooral de tragiek van Virginia Woolf en van Richard bijgebleven.

Na het lezen van de bespreking op Digg wil ik die professionele mening zo snel mogelijk vergeten ook al brengt ze me interessante wetenswaardigheden bij zoals de bijkleuring van de scenes uit de drie verhaallijnen. Recenties lees je best op voorhand, nooit naderhand, tenzij voor onbenullige films. Ze kunnen je kijkervaring grondig vergallen, al is het maar door ze te verknippen in een hoop losliggende observaties.

Wat voor een genie moet je zijn om een verhaal te schrijven dat zo goed het menselijk drama weergeeft van twee zo verschillende vrouwen, Laura Brown in 1954 in een Noord-Amerikaanse buitenwijk en Clarissa Vaughan in 2001 in het bij uitstek urbane biotoop van New York City. Twee vrouwen uit totaal verschillende werelden met totaal verschillende levens. Het klopt dat de individuele mannen niet als monsters worden voorgesteld maar dat het leven wordt gedomineerd door een masculiene ordening.
De vraag blijft: hoe die patstelling te doorbreken? Want eerlijk toegegeven, als er iets is wat het vermogen in zich draagt de mens gelukkiger te maken, dan is het de oplossing van het man-vrouw enigma. Daartegenover is de condition humaine en het raadsel van de dood klein bier.